• Archief
Milieueffect klassiekers vaak overschat

Milieueffect klassiekers vaak overschat

In alle discussies rondom milieu en oldtimers brengt de FEHAC graag wat nuances aan. De meeste mensen waarderen mobiel erfgoed om de historie en de nostalgie. Als er al kritiek komt is dat vaak vanwege het goedkoop rijden en de milieubelasting die klassiekers met zich zouden meebrengen. Oldtimers voldoen aan de voorwaarden die van toepassing waren bij eerste toelating tot de weg. Dit betekent niet dat oldtimers per definitie de ‘fijnstofbommetjes’ zijn, zoals een kamerlid onze hobbyvoertuigen plastisch omschreef in een recent parlementair overleg over de belastingvrijstelling voor 25-plussers.

Doelstelling behoud maar ook kunnen blijven rijden
De FEHAC-doelstelling is het behoud van voertuigen vanuit historisch oogpunt, maar ook het behoud van de mogelijkheid om historische voertuigen op de openbare weg te kunnen blijven gebruiken. Regelmatig gebruik is essentieel voor een goede conditie van het voertuig en de blijvende werking van de belangrijkste mechanische functies. Als het over de schadelijke elementen van de uitlaatgassen gaat, zijn de uitstoot van CO², NOx en fijnstof van belang.

Kooldioxide CO²
De CO²-uitstoot is direct gerelateerd aan het verbruik. Het brandstofverbruik van de meeste oldtimers is, in tegenstelling tot de beeldvorming, niet veel hoger dan dat van moderne voertuigen. Vaak is het zelfs lager. Dit komt omdat de auto’s van nu door een grote hoeveelheid extra comfort- en veiligheidsvoorzieningen veel meer wegen dan auto’s van een vergelijkbare klasse van 25 jaar of langer geleden. Zo weegt een nieuwe VW Golf van 2008 bijna 400 kg meer dan een inmiddels klassieke Golf van bouwjaar 1974.

Fijnstof
Fijnstof, voorzover dit uit de uitlaat komt, wordt voornamelijk door dieselauto’s geproduceerd. Het aandeel diesels onder de oldtimers is uitermate gering. Volgens de meest recente cijfers van het CBS (per 1 juni 2008) kent Nederland 1.251.082 dieselpersonenauto’s; daarvan zijn er maar 8090 van 1980 of ouder, ofwel maar 0,6%. (bron: CBS statline – motorvoertuigen; personenauto’s naar technische kenmerken). Naar verhouding rijden klassieke voertuigen veel vaker dan hun moderne tegenhangers op benzine of LPG.
Het fijnstof dat door wegverkeer wordt veroorzaakt komt maar voor 50% uit de uitlaat; de rest is afkomstig van remmen en banden. Het grootste deel van het fijnstof uit de uitlaat komt van het wegvervoer, vracht- en bestelwagens. Dit rijdt vrijwel uitsluitend op diesel. Uit het vorenstaande blijkt klip en klaar dat oldtimers absoluut geen rol spelen op het gebied van fijnstofemissie. En het probleem speelt verder ook nauwelijks omdat klassiekers heel weinig in de stad worden gebruikt, maar vooral bij recreatieve ritten op het platteland.

Stikstofoxide NOx
De meest gezondheidschadelijke vorm van stikstofoxide: de stikstofdioxide (NO²) wordt in grotere mate door dieselauto’s dan door benzineauto’s geproduceerd. Door gebruik van de driewegkatalysator is de uitstoot van NOx door benzineauto’s sinds medio jaren 80 al sterk teruggedrongen. Maar in dieselauto’s werkt deze katalysator niet, waardoor in dieseluitlaatgassen vijf tot tien keer zoveel stikstofoxiden zitten als in benzine-uitlaatgassen. Door het verwaarloosbare aandeel van diesels in het oldtimerbestand gaat het milieu-argument ook voor het component stikstofoxide NOx in de emissie niet op.

Bron: Fehac

terug naar voorpagina