• Archief
<B><EM>Oldtimerstory</B></EM> 100 jaar Alfa Romeo, van exclusief naar volumemerk

Oldtimerstory 100 jaar Alfa Romeo, van exclusief naar volumemerk

Alfa Romeo viert in 2010 haar 100-jarige bestaan. Een mijlpaal die op zichzelf al de moeite waard is om even bij stil te staan. In de afgelopen 100 jaar heeft Alfa Romeo een duidelijke stempel op de auto-industrie gedrukt, grote sportieve successen behaald en heeft het merk een grote schare trouwe fans gekregen. Reden genoeg voor OldtimerNieuws om de eerste Coverstory van 2010 te beginnen met de geschiedenis van dit bijzondere Italiaanse merk. Vorige week zijn we gestopt bij de Tweede Wereldoorlog. Deze week het tweede gedeelte, de ommezwaai van Alfa Romeo van een exclusief naar een volumemerk.

Alfa Romeofabriek na bombardementIn de nadagen van de oorlog komt het gebied waar de Alfa Romeo-fabriek staat onder het bevel van de Nazi-troepen te staan. Alles wat er nog over is van de fabriek na de fatale bombardementen in 1944 wordt in grotten in veiligheid gebracht. Om te voorkomen dat de Nazi’s de fabrieksmedewerkers afvoeren duiken de meeste onder. Dat dit alles nodig was bleek wel toen duidelijk werd dat de Nazi’s plannen hadden om de hele fabriek naar Duitsland over te brengen. Het had dan ook maar weinig gescheeld of het merk Alfa Romeo had de oorlog niet overleefd.

Nadat de oorlog is afgelopen en het dagelijkse leven weer enigszins opgang komt worden alle restanten van de productiemiddelen en voorraden weer bij elkaar gebracht en worden de werkzaamheden weer op kleine schaal hervat, met de productie van scheepsmotoren, vliegtuigmotoren en zelfs moderne elektrische kooktoestellen. Ook de autoproductie wordt weer ter hand genomen, om te beginnen met de 6C 2500 die in 1939 was geïntroduceerd.

Uiteraard blijft ook na de oorlog Alfa Romeo in handen van de Italiaanse overheid. De fabrieksleiding is dan ook blij als in 1948 het verlossende woord komt en Alfa Romeo zich weer geheel op het bouwen van auto’s mag toeleggen. De productie van de kooktoestellen, vliegtuigmotoren en vrachtauto’s wordt afgebouwd om vervolgens helemaal stil te worden gelegd. De fabriek is ondertussen weer helemaal herbouwd en langzaam maar zeker komt Alfa Romeo weer op het productieniveau van voor de Tweede Wereldoorlog.

Alfa Romeo Tipo 158 Grand PrixEind jaren veertig is de 6C 2500 het enige model dat Alfa Romeo kan aanbieden. Op basis van dit inmiddels 10 jaar oude model ontstaat nog wel de Tipo 158 Alfetta Grand Prix waarmee het eerste wereldkampioenschap Formule 1 wordt gewonnen. In 1950 wordt de 158 opgevolgd door de Tipo 159 die wederom goed was voor de hoogste podiumplaats. De 8-cilindermotoren die waren voorzien van een mechanische compressor konden vermogens halen tot wel 425 pk. Let wel, de cilinderinhoud was slechts 1, 5liter. Naast de raceauto’s bouwt Alfa Romeo redelijk succesvol auto’s voor normaal gebruik, onder meer met een reeks speciale creaties op basis van de 6C 2500, met koetswerken van Pininfarina en Carrozzeria Touring.

Alfa Romeo 1900Maar de leiding bij Alfa Romeo weet dat het merk niet kan overleven met enkel de productie van exclusieve auto’s en raceauto’s. Het plan wordt opgevat om met een geheel nieuw model te komen dat op de lopende band moet worden gebouwd. Alfa Romeo moet een volumemerk worden. In 1950 stelt Alfa Romeo de Alfa Romeo 1900 voor. Deze nieuwe Alfa Romeo is de eerste Alfa die op de lopende band wordt geproduceerd én over een zelfdragende carrosserie beschikt. De auto had een 1,9 liter motor met een dubbele nokkenas, met een motorvermogen tussen de 80 en 115 pk. De Alfa Romeo 1900 werd aangeprezen als “de gezinswagen die races wint”. De Alfa Romeo kan daarmee worden gezien als eerste sportieve gezinswagen, een concept dat nog vele malen zal worden gekopieerd door vele automerken. In 1951 stopte Alfa Romeo met het Grand Prix-racen en werd besloten om het racen over te laten aan de 1900. De 1900 werd ingezet in verschillende langeafstandsraces zoals de Mille Miglia. Net als in het verleden bouwen opnieuw enkele carrosseriebouwers, zoals Ghia en Touring, diverse varianten van de 1900. De Alfa Romeo 1900 zou tot 1958 leverbaar blijven. In totaal zijn er ruim 20.000 exemplaren gebouwd.

Alfa Romeo MattaSpeciaal voor het Italiaanse leger bouwt Alfa Romeo een Italiaanse variant van de Willys Jeep, de Alfa Romeo Matta. De 4×4 auto staat ook wel bekend als Alfa Romeo 1900M, maar is op technische componenten (onder andere de motor) na totaal verschillend van de Alfa Romeo 1900. De productie start in 1952 en wordt in 1954 alweer stopgezet. In totaal worden er 2161 Matta’s gebouwd.

Alfa Romeo Guilietta SprintAls aanvulling op de Alfa Romeo 1900 ontwikkeld Alfa Romeo een kleinere auto die in 1954 onder de naam Guilietta op de markt wordt gebracht. Als eerste variant wordt de Giulietta Sprint op 19 april 1954 op de autosalon van Turijn voorgesteld. Uiterlijk had de auto veel weg van de 1900. De Giulietta Sprint was een sportieve variant die met name bedoeld was om de kopers warm te laten lopen voor de sedanversie die een jaar later op de markt zou komen. De vraag naar de Giulietta Sprint was echter onverwacht groot en Bertone, die instond voor het bouwen van de carrosserie, moest de productiecapaciteit aanzienlijk vergroten. In 1955 kwam Alfa Romeo met de Giulietta sedan, net als de Alfa Romeo 1900 een sportieve sedan met een gunstige prijs. Praktisch genoeg voor alledaags gebruik, maar met de eigenschappen van een sportieve coupé.

Alfa Romeo Guilietta SpiderIn oktober 1955 werd de Giulietta Spider voorgesteld, een cabriolet gebaseerd op de Giulietta Sprint maar met een kortere wielbasis. Onder de motorkap van alle Guilietta’s lag een 1.3 liter motor, aanvankelijk met een maximaal vermogen van 65 pk, goed voor een topsnelheid van 165 km/u. De motor en versnellingsbak waren gemaakt van aluminium en de Giulietta werd aangedreven via de achterwielen.

Op basis van de Giulietta ontstonden ook weer een aantal speciale modellen. In 1956 toonde Alfa Romeo de Giulietta Sprint Veloce (SV) op de autosalon van Turijn. Door gebruik te maken van meer aluminium was de auto 72 kilogram lichter geworden, terwijl de motor met 15 pk extra op 80 pk was gebracht. In 1959 werd het vermogen nogmaals verhoogd tot zelfs 96 pk. De Giulietta Sprint Veloce werd met succes ingezet in bijvoorbeeld de Mille Miglia. In 1957 zag de Giulietta Sprint Speciale het levenslicht. Deze kreeg een kortere wielbasis dan de Sprint en een 100 pk sterke motor die de topsnelheid naar 189 km/u bracht. De Sprint Speciale was vormgegeven door Bertone. In hetzelfde jaar kwam carrosseriebouwer Zagota met zijn eigen variant op de Guilietta, de Sprint Zagato.

Alfa Romeo 2000In 1957 wordt een opvolger voor de Alfa Romeo 1900 voorgesteld, de Alfa Romeo 2000. Opnieuw zijn er verschillende carrosserievarianten, een sedan en een cabriolet. De motor van de oude Alfa Romeo 1900 werd opgeboord naar 1975 cc en bereikte daarmee een vermogen van 105 pk voor de sedan (Berlina) en de 115 pk voor de cabriolet (Spider). In 1960 wordt er nog een coupé versie (Sprint) aan de serie toegevoegd. De nieuwe auto wordt een klasse hoger ingeschaald en dat kwam ook tot uiting in de prijs. Dit vormde een groot struikelblok en wanneer de Alfa Romeo 2000 in 1961 wordt afgelost zijn er van alle varianten samen slechts een kleine 7000 exemplaren gebouwd.

Alfa Romeo 2600Als opvolger voor de Alfa Romeo 2000 komt het merk met de Alfa Romeo 2600. De eerste en meteen laatste naoorlogse Alfa Romeo met een zescilinder lijnmotor met de typische Alfa Romeo dubbele bovenliggende nokkenassen waar het merk voor de Tweede Wereldoorlog beroemd was geworden. De motor was overigens wel volledig nieuw ontworpen en helemaal van lichtmetaal gemaakt. Weer zijn er drie varianten, de Berlina, de Spider en de Sprint. De 2600-serie gold als vlaggenschip van de Alfa Romeo vloot, maar kon, zeker in commercieel opzicht, dit niet geheel waarmaken. Het publiek liep niet warm voor de auto’s en de verkopen bleven dan ook achter. In sportief opzicht, nog steeds het belangrijkste verkoopargument voor Alfa Romeo, moest de grote Alfa Romeo 2600 al snel zijn meerdere erkennen in de kleinere Alfa modellen. Traditioneel verschijnen ook van deze Alfa Romeo weer bijzonder varianten van de onafhankelijke carrosseriebouwers, voorbeelden zijn de ISO Berlina de Luxe en de Sprint Zagato. Wanneer in 1968 het doek valt voor de 2600 wordt het model niet direct vervangen.

De verkopen gaan goed en Alfa Romeo ontwikkeld zich, nog steeds in eigendom van de Italiaanse staat, tot een volumemerk. De productie is gestegen van 6.104 auto’s in 1955 tot meer dan 57.000 auto’s in 1960. Om de productiestijging te kunnen bolwerken wordt net buiten Milaan in Arese een nieuwe fabriek gebouwd. De nieuwe locatie wordt onder druk van de Italiaanse staat gekozen, om zo ook in het zuiden van Italië werkgelegenheid te creëren in de automobielindustrie. De andere Italiaanse merken hebben hun fabrieken allemaal in het noorden van Italië, net als de meeste andere industrieën ook daar hun heil hebben gezocht.

Alfa Romeo GiuliaDe in 1954 geïntroduceerde Guiletta was een succesvolle entree van Alfa Romeo in dit gedeelte van de markt. Maar begin jaren zestig was het duidelijk dat de Guiletta verouderde. Alfa Romeo kwam daarop met de Giulia. Een sportieve sedan die volgens hetzelfde recept als zijn voorganger was gebouwd, een sterke motor in een compacte auto. Op circuit van Monza kon het publiek in 1962 voor het eerste kennismaken met de Giulia TI, de eerste variant van de Giulia-serie die maar liefst tot 1978 in productie zou blijven. De toevoeging TI stond voor Turismo Internazionale, een verwijzing naar grote sportauto’s van Alfa Romeo uit het verleden. De Guilia TI wordt geïntroduceerd met een 1,6 liter motor, uiteraard voorzien van dubbele bovenliggende nokkenassen, goed voor 91 pk. Een jaar later wordt een tweede versie aan de serie toegevoegd, de Guilia TI Super. In de Super levert dezelfde motor een vermogen van 112 pk. In eerste instantie krijgt de Guilia rondom trommelremmen maar die worden als snel opgevolgd door schijfremmen, die later zelfs rondom worden toegepast.

Tegelijk met de introductie van de Giulia sedan introduceert Alfa Romeo een (ver)nieuwde Spider, Sprint and Sprint Speciale Giulias. Feitelijk waren het echter geen nieuwe auto’s, maar varianten van de reeds bestaande Giulietta-serie die met een facelift en de 1,6 liter motor uit de nieuwe Giulia. De nieuwe versies hebben echter een kort leven. In 1964 verdwijnen ze alweer. Alleen de Sprint Speciale houdt het nog tot 1966 vol.

De Guilia is een groot succes voor Alfa Romeo. Het merk komt dan ook steeds met verbeteringen en nieuwe versies van de Guilia op de markt. Om de Giulia bereikbaar te maken voor groter (Italiaans) publiek wordt een nieuwe motor aan het programma toegevoegd. Een 1,3 liter, 78 pk sterke versie wordt onder de naam Giulia 1300 op de markt gebracht. Omdat in Italië de wegenbelasting op basis van de cilinderinhoud wordt vastgesteld is deze variant dan ook vooral bedoeld voor de thuismarkt. De Giulia 1300 slaat goed aan, maar wordt pas echt een succes als Alfa Romeo met de Guilia 1300 TI komt. Met een vermogen van 81 pk is de 1,3 liter toonaangevend in zijn klasse.

Alfa Romeo Giulia GT SprintAls opvolger van de Guilietta Sprint brengt Alfa Romeo in 1963 de Alfa Romeo Guilia Sprint GT op de markt. Het ontwerp komt van Bertone en de techniek wordt gedeeld met de Guilia. Er wordt gebruikt gemaakt van een ingekorte bodemplaat van de Guilia. Op basis van de GT wordt een korte tijd ook een GTC, een cabriolet versie aangeboden (1964-1966). Van de Sprint GT wordt in 1965 ook een versie uitgebracht met de motor uit de Guilia 1300 TI. Met deze motor werd de auto als GT 1300 Junior aan de man gebracht.

Alfa Romeo Spider DuettoNaast de Sprint GT brengt Alfa Romeo een nieuwe Spider op de markt die verdwenen Guilietta Spider moet vervangen. Al in 1961 heeft Alfa Romeo het eerste prototype van de nieuwe Spider laten zien, maar het duurt nog tot 1966 voor deze daadwerkelijk productierijp is. Ook voor de Spider wordt de basis van de Guilia gebruikt. De nieuwe Spider wordt geïntroduceerd als Alfa Romeo Spider Duetto. De naam Giulia zal voor de nieuwe Spider niet worden gebruikt. Het oorspronkelijke ontwerp van de Spider wordt al vrij snel ingrijpend veranderd als in 1969 met name de achterkant van de auto een volledig ander aanzicht krijgt.

Alfa Romeo 1750Het topmodel van Alfa Romeo, de 2600 met zescilinder lijnmotor wordt in 1968 uit productie genomen. Zijn rol als topmodel van het merk wordt opnieuw overgenomen door een viercilinder. Op basis van de Giulia wordt een grotere auto ontworpen die ook uiterlijk vele overeenkomsten met de Giulia heeft. De nieuwe top Alfa Romeo krijgt een viercilinder motor die met een inhoud van 1,8 liter 116 pk leverde. Onder de naam Alfa Romeo 1750 wordt de auto op de markt gebracht.

De Spider en de Guilia Sprint GT krijgen ook de beschikking over de nieuwe motor uit de Alfa Romeo 1750 en de nieuwe modellen worden als Duetto 1750 Veloce en Sprint 1750 GTV op de markt gebracht. Hiermee nemen de Sprint en Spider-versies voor het eerst afstand van Giulia die de nieuwe motor niet kan krijgen, hij zou immers een directe concurrent worden voor de Alfa Romeo 1750.

Alfa Romeo GTAOp basis van de Giulia Sprint GT ontwikkelde Autodelta, de racedivisie van Alfa Romeo, in 1965 een racewagen die de typeaanduiding GT Allegerita kreeg. Het uiterlijk verschilt niet veel van de Sprint GT, maar het koetswerk van de GTA werd uit aluminium gemaakt en de 1570 cc motor met vier cilinders in lijn krijgt een dubbele ontsteking (Twin Spark). Het maximale vermogen komt op 115 pk te liggen en de GTA kan snelheden halen van meer dan 185 km/u. De GTA bezorgde Alfa onder andere de titel van Europees kampioen in 1966, 1967 en 1968. Van 1968 tot 1973 kon de GTA ook verkregen worden met de kleinere 1,3 liter motor, nog altijd goed voor een topsnelheid van meer dan 175 km/u.

Wanneer in 1971 de Alfa Romeo 1750 wordt opgewaardeerd naar de Alfa Romeo 2000 door de het blok op te boren, volgen ook de Spider en Sprint. De Alfa Romeo 2000 blijft tot 1977 in de boeken staan. Van de Alfa Romeo 1750 en Alfa Romeo 2000 zijn in totaal ongeveer 100.000 exemplaren gemaakt.

Alfa Romeo Giulia NuovaDe Giulia krijgt in 1972 een facelift. Het interieur en exterieur worden opgefrist en het aanbod vereenvoudigd, vanaf dat moment staan alleen nog de 1300 Super en de 1600 Super op het programma. In 1974 volgt er opnieuw een facelift, de laatste die het model zou krijgen. Meest opvallende detail is de kunststof grille die de metalenversie vervangt. De vernieuwde Giulia wordt als Nuova Giulia aan de man gebracht tot in 1977 de productie van de Giulia wordt stopgezet.

Een hele bijzondere Giulia die nog even moet worden besproken is de in 1976 aan het publiek voorgestelde dieselversie van de Giulia. De Giulia werd hiervoor uitgerust met een Perkins 1760 cc dieselmotor die het tot 55 pk schopte. Met deze motor kon de auto een top bereiken van 138 kilometer per uur, niet echt de prestaties die men van een sportieve sedan mocht verwachten. De Giulia diesel wordt dan ook alleen in 1976 geproduceerd. In totaal vonden 6000 exemplaren toch nog een koper.

Wanneer de Giulia uit de prijslijst verdwijnt, is het ook over voor de GT versies. De Spider blijft echter nog in productie. Wel wordt de versie met de 1,3 liter motor uit de Giulia uit het gamma gehaald.

In de jaren zeventig gebeurde er nog veel meer bij Alfa Romeo, dit lezen jullie dan ook in de Coverstory van volgende week!

terug naar voorpagina