• Archief
<B><EM>Techniek:</B></EM> Hoe het zit met de bougies

Techniek: Hoe het zit met de bougies

Bij OldtimerNieuws is al eerder eens aandacht besteed aan de “vonkenfabriek” in onze auto’s: de bougie. De bougie vormt een onmisbare schakel in het proces van de benzinemotor. Daarom brengen we dit onderwerp graag weer eens naar voren. Kortweg is de taak van de bougie het benzine-luchtmengsel dat door de carburateur is bereid en door de zuiger naar binnen is gezogen tot ontbranding (of liever gezegd: ontploffing) te brengen. Om deze taak tot een goed einde te brengen is het natuurlijk zaak dat de juiste bougie is gemonteerd en dat deze tijdig wordt vervangen. Onderstaand duiken we wat verder in het hoe en wat rondom bougies.

Opbouw bougie
Een bougie is opgebouwd uit slechts enkele onderdelen die echter wel perfect op elkaar afgestemd moeten zijn.

Opbouw NGK bougie

De belangrijkste onderdelen zijn het metalen omhulsel met schroefdraad, de elektrode en de isolator. Een dichtring zorgt ervoor dat de bougie volledig luchtdicht in de cilinderkop kan wordeng geschroefd. In alle bougies zit tegenwoordig ook een ontstoringsweerstand, om eventuele storingen door de grote elektrische stromen in de bougie op de gevoelige moderne boordelektronica te voorkomen.

De beste bougie
Een moderne bougie moet individueel ontworpen zijn voor de verschillende motorconstructies en rijomstandigheden. Een bougie, die zonder problemen in alle motoren functioneert, bestaat niet. Omdat de temperatuurontwikkeling in de verbrandingsruimte van de afzonderlijke motoren heel verschillend is, zijn er dus bougies nodig die een verschillende warmtewaarde hebben. Deze warmtewaarde wordt aangeduid door het zogenaamde warmtewaarde cijfer. Bij oude bougies die maar in een enkel bereik ingezet werden, werden vroeger cijfercombinaties gebruikt die uit twee of drie cijfers bestonden, om de verschillende warmtewaarden aan te duiden.

Deze warmtewaarden, weergegeven door het warmtewaarde cijfer, geven een op de elektroden en de isolator gemeten, gemiddelde temperatuur weer, die overeenkomt met de belasting van de motor Aan de punt van de isolator moet de bedrijfstemperatuur tussen 400°C en 850°C liggen; de temperatuur moet hoger zijn dan 400°C, omdat bij deze hogere temperaturen de roet- of olieaanslag verdwijnen en de bougie zich zodoende zelf reinigt.

De temperatuur aan de isolator mag echter ook niet hoger zijn dan 850°C , omdat bij een temperatuur van meer dan 900°C gloeiontstekingen optreden. Bovendien worden de elektroden bij extreem hoge temperaturen ook nog door chemisch-agressieve verbindingen aangetast of vernield. Dit alles heeft er niet alleen toe geleid dat de technische ontwikkeling zich afwendde van de enkel-bereik-bougie en zich op de moderne bougie concentreerde die in meer bereiken ingezet kan worden, meer nog: Door de ontwikkeling van nieuwe materialen, vooral voor de isolatoren of door het gebruik van een hoogwaardige koperen kern in de middenelektroden, komt men tegemoet aan de tegenwoordig vereiste kwaliteitsstandaard voor dit groot aantal van verschillende warmtewaarden.

Deze technische voordelen hebben ertoe geleid dat de aanduiding van de bougies gewijzigd werd. Tegenwoordig onderscheiden de moderne fabrikanten de meer-bereiken-bougies met cijfercombinaties die slechts uit een of twee cijfers bestaan. Deze cijfercombinaties houden geen verband meer met het “oude” warmtewaarde cijfer. Meestal is in de lijsten van de bougiefabrikanten goed terug te vinden welke bougie voor welke oldtimer geschikt is. Raadpleeg bij twijfel altijd een specialist. Onthou daarbij dat de montage van verkeerde bougies kan leiden tot motorschade.

Wat bougies ons kunnen vertellen
Het uiterlijk van een gebruikte bougie vertelt veel over de staat van de motor, de afstelling en uiteraard over de bougie zelf.

Staat van de bougie verteld veel

Zelf vervangen bougies
ElektrodeafstandHet zelf vervangen van bougies is voor de meeste oldtimerliefhebbers prima te doen. Merk als eerste de bougiekabels door er bijvoorbeeld een stukje schilderstape op te plakken waarop je het nummer van de cilinder schrijft, beginnende vanaf de voorkant van de motor (of van links naar rechtsb bij een dwarsgeplaatste motor). Zo wordt voorkomen dat straks bij montage de verkeerde bougiekabel bij de verkeerde cilinder uitkomt. Blaas vervolgens met perslucht de ruimte om de bougie goed schoon. Vaak zit de bougie zo gemonteerd dat stof en zand in de verdieping rondom de bougie blijven liggen. Wordt de bougie er uitgedraaid dan valt alle rommel in de cilinder en dat moet natuurlijk worden voorkomen. Nu kan de bougie worden verwijderd. Gebruik een goed passende bougiesleutel. Er zijn drie gangbare maten: 16, 18 of 21 mm, waarbij de laatste het meeste voorkomt. Zorg ervoor dat bij het in- en uitdraaien de bougiesleutel goed recht boven de bougie zit, de bougie wordt anders heel snel beschadigd. Voor een nieuwe bougie kan worden gemonteerd wordt eerst de staat avn de oude bekeken waarbij gebruikt gemaakt wordt van de plaatjes onder het kopje “wat bougies vertellen”. Ziet alles er goed uit dan kan een nieuwe bougie worden gemonteerd. Een nieuwe bougie moet voor montage eerst worden afgesteld op het gebruik in de specifieke motor. Dit betekent dat de elektrode afstand moet worden afgesteld (zie afbeelding). De exacte afstand is terug te vinden in het instructieboekje of werkplaatshandboek van de oldtimer. Zorg ervoor dat bij het indraaien van de bougies de bougies goed recht worden ingedraaid. Draai de bougies altijd eerst een stukje met dan hand aan, zo kan meteen wordt gevoeld of de bougies wel goed recht in het bougiegat terecht is gekomen. Maar liefst 95% van alle storingen met bougies zijn te wijten aan het te vast aandraaien. Hou daarom voor het definitief vastzetten van de bougies het aanhaalmoment strikt in acht. Als vuistregel kan de onderstaande tabel worden gebruikt, maar raadpleeg altijd het instructieboekje of werkplaatshandboek van de oldtimer voor het exacte aanhaalmoment.

Aanhaalmomenten voor bougies met een vlakke zitting (met dichtring):
Aanhaalmomenten bougies

Plaats na het vastzetten van de bougies de bougiekabels volgens de aangebracht nummering weer aan en verwijder wanneer van toepassing de aangebrachte tape.

Bougiekabels
Als laatste maken we nog even een uitstap naar een vaak vergeten schakel in de ontstekingsketen, de bougiekabel. Eerste klas isolatie-eigenschappen, hoge hittebestendigheid (tot 200°C.), weerstandsvermogen tegen vibraties, temperatuur- en vochtigheidschommelingen zijn de belangrijkste voorwaarden, waaraan hoogwaardige bougiekabels moeten voldoen. En wel permanent, betrouwbaar, gedurende een lange tijd en onder extreme voorwaarden.

Welke kabel is de beste voor een oldtimer?
De mening dat weerstanden de ontstekingsenergie en daarmee ook het motorvermogen reduceren, blijkt in de praktijk niet te kloppen, omdat de toegepaste weerstanden zodanige dimensies hebben, dat er geen rekening mee gehouden hoeft te worden.

Bougiekabels

Alle drie hiernaast afgebeelde kabels kunnen dus worden gebruikt. Een keuze van bougiekabel kan omwille van de originaliteit bij oldtimers probleemloos vallen op een kabel met koperkern (afb. 1). De storingsvrije werking van de radio kan er echter onder leiden wanneer originele bougiedoppen zonder weerstand worden gebruikt. De koperkernkabels zijn bij de betere automaterialen zaak per meter te koop. Ook kun je daar terecht voor kant-en-klare weerstandkabels (afb.2 en 3.). Deze kunnen niet zelf op maat worden gemaakt en zijn al voorzien van bougiedoppen.

terug naar voorpagina