• Archief
<B><EM>TerugBlik</B></EM> Fiat 127 Super 5 Speed 1982

TerugBlik Fiat 127 Super 5 Speed 1982

by OldtimerNieuws

Na de verkoop van de Volkswagen Golf (zie vorige TerugBlik) moest er natuurlijk wel een vervanger komen. Liefst een goedkope, kleine auto. Als student was het budget nog steeds krap, maar ik wilde wel meteen rijden. Na wat rondneuzen in de buurt kwam een Fiat 127 in beeld. Voor duizend gulden kreeg ik een wat sjofel uitziende 127 Super 5 Speed uit 1982 met een jaar APK. Ondanks de introductie van de Panda in 1980 was de 127 in 1982 in Italië nog steeds de meest verkochte Fiat. De 127 was leverbaar in een aantal verschillende uitvoeringen, met een 900cc en 1050cc benzinemotor. Mijn 127 had een 900 cc motor en was nog een echte Italiaan, latere exemplaren kwamen uit Brazilië nadat de Panda de het stokje al grotendeels had overgenomen.

Met 45 pk uit 900cc was mijn 127 geen strepentrekker maar wel lekker zuinig. Bovendien erg ‘luxe’ met 5 versnellingen (de 5 Speed had dat natuurlijk al verklapt), getint glas en hoofdsteunen. Net als alle Fiats was een intervalstand op de ruitenwissers standaard. Uiteraard was het Fiatje niet helemaal probleemloos. Direct na de eerste keer tanken rook ik al een sterke benzinelucht. Na een korte inspectie bleek de tank op felsranden doorgeroest. Tijdens de apk was dat geen probleem, er zat nauwelijks benzine in de tank…. Gezien het aankoopbedrag zat er ‘garantie tot op de drempel’ op de auto. De garagehouder was gelukkig een bekende en regelde een vervangende tank op voorwaarde dat ik die zelf zou monteren. Dat was niet zo’n grote klus, zodra de tank helemaal leeg was werd deze vervangen en het Fiatje reed weer reukvrij rond.

Na verloop van tijd kwamen er meerdere kwaaltjes tevoorschijn. Zoals bij vele voorwielaandrijvers uit die tijd was bij mijn 127 de versnellingsbak nogal ‘vaag’. Op zich geen probleem als je versnellingen maar kunt vinden. De achteruitversnelling had echter nogal de neiging zich ergens onder de passagierstoel te verstoppen. Ook de tweede versnelling had het onder bepaalde omstandigheden moeilijk. Op een gegeven moment moest er met vijf personen en een grote hoeveelheid sporttassen aan boord een behoorlijk steile viaduct worden genomen. Dit betekende terugschakelen naar de twee, de drie was te hoog gegrepen. De twee kon de druk echter de druk niet aan, de auto schoot telkens uit de versnelling. Alleen met behulp van de bijrijder die de pook stevig in de hoek bleef drukken kon de viaduct worden geslecht. Op de terugweg bracht hetzelfde recept ons weer naar huis.

Zwak punt van de 900cc motoren is de koppakking, ook ik ontkwam niet aan deze kwaal. Bij rustig rijden bleef de temperatuur normaal, maar een beetje warm weer of file deed de temperatuurmeter als snel oplopen. De oorzaak was dat er druk in het systeem werd opgebouwd, diagnose: lekke koppakking. Gezien de waarde van de auto werd het dus afwachten was er eerder kwam, het einde van de APK of het motorblok. Ondertussen was ik afgestudeerd en aan een nieuwe studie begonnen. Dit betekende verhuizen en dat na de verhuizing de Fiat nog nauwelijks werd gebruikt. Bij een van de laatste ritten, midden in de winter, werd duidelijk dat het einde nu echt in zicht was. Nog geen tien kilometer na vertrek schot de temperatuurmeter in het rood en klonk een knal onder de motorkap. De dop van het expansievat was er afgeknald en een groot gedeelte van het koelwater lag op straat. Nu was ik daar min of meer op voorbereid en lag er een jerrycan met vijf liter water klaar in de kofferbak. Waar ik echter niet op had gerekend was het feit dat het flink vroor op dat moment en dat ik dus vijf liter ijs in de kofferbak had. Ook nu was de oplossing snel gevonden. Het reservewiel onder de motorkap vandaan gehaald, de bevroren jerrycan op het hete motorblok gelegd en wachten in het winterzonnetje. Na verloop van tijd was er voldoende smeltwater om de boel weer een beetje aan te vullen en voorzichtig verder te rijden. Toen de tank leeg was gereden hield ik het voor gezien: de Fiat Super 5 Speed ging naar het grasveld van de plaatselijke sloper…

Off
<B><EM>TerugBlik</B></EM> Golf MX 1979

TerugBlik Golf MX 1979

by OldtimerNieuws

Na het Russische avontuur met de ruil tussen de Fiat Ritmo en GAZ M21 Volga werd het tijd om op zoek te gaan naar een vervangende auto voor de Ritmo. Als student was het budget echter beperkt. Niet ver van mijn studentenflat(je) stond al een tijdje een citroengele Volkswagen Golf te koop. Een echte Golf MX met 1.3 motor en kunststof spatbordverbreders. Een ‘oud’type met kleine achterlichten. Dertien jaar oud en een vraagprijs van 750 gulden. Na een Opel en Fiat leek een Volkswagen een redelijke keuze. Na een korte proefrit op een achteraf straatje, de APK was net verlopen, en na het nodige afdingen mocht de Golf mee. Hoewel de aanschafprijs behoorlijk overzichtelijk was, was de gang naar een nieuwe APK dat niet.

Al snel na de aanschaf had ik de Golf bij mijn ouders in schuur aan een grondige inspectie onderworpen. Op het eerste gezicht zag de auto er heel behoorlijk uit. Onder de kunststofbescherming bij de achterwielen zat echter flink wat roest. Nu zat die bescherming er juist om roest te voorkomen en niet te verbergen. Dat moest dus gelast worden, een flinke tegenvaller voor mijn ‘no budget’. Via via werd een beunhaas voor het laswerk gevonden. Toen deze klus was geklaard en ook een aandrijfashoesje was gewisseld leek het de goede kant op de gaan. Helaas. Eén voor één viel de verlichting, de richtingaanwijzer, remlichten, claxon, enzovoort, uit om even later weer te werken. Na wat navraag was de zekeringkast de eerste verdachte. Na wat meetwerk met een ouderwetsch multimetertje bleek dit de waarheid. Opnieuw met een gereedschapskist onder de arm naar mijn favoriete autosloperij. Er stonden daar zeker een stuk of tien Golfjes onder de bomen. Wat een teleurstelling! In geen enkele Golf was nog een zekeringkast aanwezig. Typisch geval van een zwak punt. Een nieuwe zekeringkast paste niet in mijn ‘no budget’…. Dan maar aan de slag met soldeerbout en een handvol verschillende losse zekerhouders en voila, er was licht!

Met een paar geleende banden van Golf van mijn broer was een APK snel geregeld. Het echte rijden kon beginnen! Nog geen twee weken na de APK word ik al door de politie aan de kant gezet. Gelukkig had ik tijdens rijles toch nog opgelet en geleerd regelmatig in de spiegel te kijken. Zo was het me al opgevallen dat ze me zeker tien kilometer hebben gevolgd voor ik aan de kant wordt gezet. Waarschijnlijk ben je als bestuurder van een oud Golfje met een paar snelle spatbordverbreders en iets te brede banden ‘suspect’ genoeg om op een regenachtige donderdagavond zonder aanwijsbare reden te worden gevolgd. Terug naar de kant van de weg. Ik zag ze toch wel een beetje beteuterd kijken. Een jongeman keurig in pak met stropdas op de terugweg van zijn studentenbaantje als winkelbediende bij V&D. Geen ‘petje’? Hij heeft de gordel ook nog om. Tja, rijbewijs in orde, verzekering in orde, APK in orde, snelheid in orde… Dan maar even de auto inspecteren. Mmmm, die bandjes zien er niet al te best meer uit! Maar meneer de agent, de auto is net twee weken geleden gekeurd. Zoveel heb ik echt nog niet gereden meneer, dat ze nu al glad kunnen zijn! Dat waren ze natuurlijk wel, een beetje… Door het oog van de naald.

Hoe ging dat nu verder met de Golf? Ik moet eerlijk bekennen, de liefde duurde niet lang. Het sombere dashboard met maar liefst een snelheidsmeter, een kilometerteller én een tankmeter (waar later meer) gevat in degelijk zwart plastic was toch wel iets anders dan het vrolijk vormgegeven Ritmo dashboard. Hoewel de wegligging best prima was, was het verbruik wel een stap de verkeerde kant op. Dat wil zeggen het benzineverbruik én olieverbruik. Toen de elektronica weer begon te spoken en de auto me twee keer had laten staan was de lol er wel af. In de regen hield de benzinemeter me voor de gek, die stond nog keurig op een kwart terwijl de tank toch echt leeg was. Balen. Ook toen de tank (uiteindelijk) weer tot de nok gevuld was, bleef de meter hardnekkig op een kwart staan. Direct daarna knapte de koppelingskabel. Met veel lawaai en gedoe kwam ik weliswaar thuis, maar het pleit was beslecht en een advertentie in de zaterdagkrant zorgde vlot voor een nieuwe baas. O ja, toch nog een voordeel van een Volkswagen: er zat zelfs een bescheiden winst in.

Off
<B><EM>TerugBlik</B></EM> Russisch avontuur met een Volga

TerugBlik Russisch avontuur met een Volga

by OldtimerNieuws

Het is oktober 1992, twee ongeschoren jongens rijden rond een uur of 3 in de nacht met een 30 jaar oude Russische auto de grensovergang bij het Nederlandse De Lutte over. Nog een klein uurtje en dan zit de ruim 2.100 kilometer lange reis die in de Russische sneeuw begon erop. De accu lijkt de reis niet te hebben overleeft en elke keer als de koppeling wordt ingetrapt begint het druklager harder te schreeuwen. Snel naar huis. Op de auto zitten Russische kentekenplaten, dat was 2.000 kilometer geen probleem, maar in Nederland mogen ze er niet mee rijden. Geeft niet, het is midden in de nacht. Geen auto op de weg. Plotseling duikt er een politieauto op in de binnenspiegel en blijft achter de auto plakken. Wat doen die jongens hier in een oude zeegroene Russische auto midden in de nacht? Om dat uit te leggen moeten nog wat verder terug in de tijd, naar november 1991.

De Sovjet Unie bestaat nog steeds, maar de Berlijnse muur is gevallen. Het Oostblok ligt open. Via de Stedenband Nijmegen-Pskov krijgt Rijkshogeschool IJselland de vraag of er studenten zijn die geïnteresseerd zijn in een stage in Pskov. Hoewel ik er nooit een moment bij stil had gestaan om een stage in de Sovjet Unie te gaan lopen, mijn kennis van het land ging nauwelijks verder dan dat ik van het bestaan wist, was de beslissing snel gemaakt. Plannen voor een stage in het buitenland had ik al, alleen werd de bestemming gewijzigd van Engeland naar Rusland. Even lijkt het plan nog in duigen te vallen als eind 1991 de Sovjet Unie uit elkaar valt. Na een lange periode van onzekerheid komt in februari 1992 toch eindelijk het lang verwachte groene licht en was een visum een feit. Na een lange treinreis onderging ik samen met drie andere studenten een kleine cultuurschok.

Volga M21 1962

Tijdens de stageperiode kregen we uitgebreid de gelegenheid om Rusland te leren kennen. Nu, ruim twintig jaar later, zeggen de Russen die deze periode hebben meegemaakt dat het een bijzondere tijd was. Het juk van communisme was afgeworpen, de toekomst lag open. Het westen lokte. Contacten met buitenlanders is niet langer verboden of gevaarlijk en we krijgen bijna overal een warm welkom, niet in de laatste plaats om de nieuwsgierigheid van de Russen naar het westen te bevredigen. We bezoeken Moskou en Leningrad. We vliegen er voor 2,5 gulden naar toe met 50 jaar oude vliegentuigen van Aeroflot. Als autoliefhebber kijk ik in het straatbeeld mijn ogen uit. De vele Lada’s kan ik thuisbrengen, maar de rest van het wagenpark is geheel nieuw voor mij. Al snel valt mijn oog op wat nog het meest op een Amerikaanse auto uit de jaren 50 lijkt. Al snel leer ik dat deze auto een Volga M21 is, de Russische tegenhanger van een Mercedes-Benz. In Pskov, een grauwe industriestad van toen 200.000 inwoners rijden er nog een handjevol rond.

Het duurt niet lang of samen met mijn nieuwe Russische vriend Oleg wordt het plan gesmeed om een Volga op de kop te tikken en naar Nederland te halen. Oleg zet een kleine advertentie in een lokaal krantje en we krijgen een paar reacties. De eerste Rus die reageert heeft waarschijnlijk het idee dat alle buitenlanders een geldboom in de tuin hebben. Hij probeert er een slaatje uit te slaan door een enorm hoge prijs te noemen. De volgende is in zo’n slechte staat dat het halen van de rand van de stad waarschijnlijk al te veel gevraagd is. Ook de derde is niet wat ik zoek, een volledige, op z’n Russisch, gemoderniseerde Volga. De vierde en laatste reactie lijkt hoopvol, we maken een proefrit. Een ritje dat nog steeds duidelijk in mijn geheugen staat. Het was mijn eerste rit in het hectische Russische verkeer, op een regenachtige dag in een Volga naast een oude man die me in onverstaanbaar Russisch uitleg hoe ik moet rijden. Helaas lopen de onderhandeling stuk, de man wil de auto alleen ruilen en daarbij heeft hij zijn zinnen gezet op een Lada Samara. En die waren in 1992 in Rusland flink wat geld waard. Uiteindelijk ga ik na afloop van de stageperiode zonder Volga weer huiswaarts.

Terug in Nederland worden er al snel plannen gemaakt om nog een keer naar Pskov af te reizen. Mijn verhalen hebben mijn neef aangestoken en we besluiten om samen in de zomervakantie naar Pskov af te reizen. De contacten die ik aan mijn stage heb overgehouden zorgen ervoor dat ik redelijk makkelijk aan een visum voor ons allebei kan komen. We moeten dan wel de directeur van Pskovmach (de fabriek waar ik stage liep) nog even met een bezoek vereren. Geen probleem en opnieuw stap op de trein naar het oosten en opnieuw wacht een warm welkom. Nadat we een aantal dagen in stad zijn lopen we op een gegeven moment samen met Oleg richting ons hotel. Vlak bij het hotel zien we opeens de zeegroene Volga staan waarin ik in het voorjaar een proefrit had gemaakt. De eigenaar herkent ons en we maken een praatje. Hij wil weten of ik nog steeds in zijn Volga ben geïnteresseerd. De interesse is er wel, maar de Lada Samara is er nog steeds niet. Ik kan hem wel een Fiat Ritmo aanbieden, op dat moment mijn dagelijkse auto in Nederland. De interesse van de man is gewekt. Om Oleg te laten zien welke auto ik in Nederland heb, had ik foto’s van de Ritmo meegenomen. Deze laat ik de man zien en hij geeft aan er serieus over na te willen denken. We spreken af om over een paar dagen weer contact te hebben. Een paar dagen later komt Oleg met de mededeling dat we zijn uitgenodigd om bij de man thuis te komen eten. Dat is vrij bijzonder omdat we de man nauwelijks kennen. Wanneer we bij de flat van de man aankomen is al snel duidelijk dat een deal er inzit. Zijn vrouw heeft een maaltijd klaarstaan dat gerust een feestmaal mag worden genoemd. Na wat onderhandelen over reservedelen en met de toezegging dat ik de formaliteiten van de import en export regel, komt er Vodka op tafel en wordt de ruil beklonken. Afgesproken wordt dat we in september (herfstvakantie) weer naar Rusland komen, deze keer met de Ritmo.

In september reis ik opnieuw met mijn neef naar het oosten, deze keer met de auto. Tot de voormalige grens met de DDR kunnen we lekker doorrijden. Daarna is het een avontuurlijke reis via typische Oostblokwegen (die soms helemaal niet op onze Westerse kaarten staan) via Polen, Litouwen en Letland naar de Russische grens. Elke grens betekent wachten en stempels halen, na drie reizen in jaar naar Rusland begint mijn paspoort al behoorlijk vol te raken. Ons visum wordt in orde bevonden en we rijden met onze Nederlandse kentekenplaten de Russische sneeuw in die net begint te vallen. De eigenaar van de Volga ziet bij zijn eerste kennismaking met de Ritmo eigenlijk alleen maar sneeuw en heel veel smerigheid van de reis. Maar wat hij ziet bevalt hem en de ruil wordt gemaakt. Nu begint het circus van de import en export. Op dat moment worden er al flink wat auto’s uit het westen naar Rusland gehaald. De import van de Ritmo is dan ook vlot geregeld.

Ruil materiaal: Fiat Ritmo

Maar een auto naar westen exporteren? Inderdaad dat hadden ze tot op dat moment nog nooit gedaan. Altijd fijn als je de eerste mag zijn. Na een week van het kastje naar de muur te zijn gestuurd begint de lol er wel af te gaan. Wie had ooit verwacht dat de heren en dames van Intourist (een staatsorgaan) niet bevoegd zijn om onze (auto)papieren te vertalen? Oplossing: de plaatselijke directeur van Intourist klimt samen met zijn secretaresse op de achterbank van de Ritmo en met z’n allen naar de notaris. Stempel d’r op en door naar de Kamer van Koophandel, nog een stempel d’r op en een paar handen vol roebels en ik heb een officiële vertaling. Na een week geduld lijkt de Russische uitweg toch de beste. Een doos bonbons voor zijn vrouw en een twee flessen whisky voor de ambtenaar zelf bezorgen ons na sluitingstijd de benodigde stempels en handtekeningen: de exportpapier zijn binnen!

Met de exportpapieren op zak en een paar jerrycans benzine van de zwarte markt in de kofferbak kan de reis naar Nederland beginnen. De oude eigenaar voorziet de Volga nog van een paar nieuwe banden die Oleg een paar dorpen verderop voor mij heeft gevonden. Het begint weer te sneeuwen en mijn colleges in Nederland zijn al weer begonnen: tijd om naar huis te gaan. Aan de Russisch-Letse grens valt de vertraging mee. De douanier begint fanatiek en laat ons de hele auto uitpakken. Gelukkig begint het net weer hard te sneeuwen en is de beste man er snel klaar mee. Aan de Letse kant is er alleen interesse voor onze groene kaart en zijn we snel weer op weg. Ook de grens Letland-Litouwen wordt snel geslecht.

Diep in de nacht

Als we midden op de avond bij de grens Litouwen-Polen aankomen hebben we pech. Er wordt bij deze grens gewerkt met een wisselsysteem. Een kant van de grens wordt afgesloten en vervolgens wordt een veld met auto’s en vrachtauto’s aan de andere kant eerst helemaal afgewerkt om dan vervolgens het veld waar wij in staan de grens over te laten. In de praktijk betekent dat al snel een paar uur wachten. Het begint te vriezen en na een lange dag liggen we lekker onder een wollen deken te slapen al we opeens ruw worden gewekt door een soldaat die met de kolf van zijn Kalashnikov keihard tegen het zijraampje van de Volga slaat. Het veld met wel honderd auto’s is helemaal leeg. Snel rijden we de grenspost op. Natuurlijk komen we achter een Pool te staan die zijn hele Polonez op werkelijk de meeste vreemde plekken heeft volgestouwd met illegale sigaretten. Na nogmaals lang wachten kunnen we eindelijk de grens achter ons laten en rijden we Polen binnen. Het is inmiddels diep in de nacht en we stoppen bij het eerste hotel dat we zien. Na een paar uur slapen op een keihard bed besluiten we de rit naar Nederland te vervolgen. De reis verloopt voorspoedig, al worden we in Duitsland door een Oost Duitser met een grote vrachtauto met opzet van de weg gereden. Gelukkig kan ik op tijd remmen en met behulp van de vluchtstrook een veilig heenkomen vinden. We besluiten prompt om een stuk papier achter de achterruit de plakken met een groot NL-teken er op. Schijnbaar wordt onze Russische kentekenplaat niet door iedereen gewaardeerd. Als we tegen twaalf uur nog paar honderd kilometer te gaan hebben besluiten we door te rijden naar huis. Rond een uur of drie rijden we de grens over, eigenlijk illegaal want met Russische platen op de auto mogen we tot de Nederland grens. We wagen het erop, zeker als we ontdekken dat de koplampen verdacht zwak gaan branden als het toerental daalt en het druklager van de koppeling steeds meer herrie maakt. Net over de grens duikt er plotseling een politieauto op in de binnenspiegel. Balen, we gaan toch niet op een steenworp van huis stranden? We besluiten binnendoor te rijden en verlaten de snelweg, de politieauto blijft ons trouw volgen. Na een half uur hebben we geen idee meer waar we aan toe zijn als opeens de politieauto af slaat en uit het zicht verdwijnt. De laatste kilometers worden ook probleemloos geslecht. De reis zit erop en kan de Volga in Nederland gaan genieten van zijn oude dag. Nu, ruim twintig jaar later, staat de inmiddels 52 jaar oude Volga in nog steeds in mijn garage en blijkt het avontuur in het najaar van 1992 het begin geweest te zijn van een langdurige hobby.

Off
<B><EM>TerugBlik</B></EM> Mijn oranje Fiat Ritmo 65L

TerugBlik Mijn oranje Fiat Ritmo 65L

by OldtimerNieuws

Als er een automodel snel de geschiedenisboeken in is gegaan is het wel de Fiat Ritmo. Toch zal ik niet snel mijn Ritmo vergeten. Om te beginnen was deze oranje Fiat Rimto 65L uit 1980 mijn eerste eigen auto. In mijn ogen een waardige opvolger van de deeltijd Kadett. Mijn broer had de auto onder een laag stof in een boerenschuur ontdekt. Heel lang had de auto nog niet stilgestaan, er zat nog meer dan een half jaar APK op. De reden dat de auto in de schuur was terechtgekomen was de koppeling. Die was kapot en de eigenaar kwam er niet aan toe om er een nieuwe in te zetten. Voor 450 ouderwetse guldens mocht de Ritmo, inclusief los bijgeleverde nieuwe koppeling, van eigenaar verwisselen. Zo kwam de auto bij mijn ouders in de garage terecht. Als student ontbrak het even aan tijd en urgentie om direct met de auto aan de slag te gaan, maar na een paar weken kwam er dan toch van. Samen met mijn broer werd de nieuwe koppeling ingebouwd en kon het Italiaanse rijden beginnen. Na een wat nukkige start, de Ritmo vond het niet leuk om stil te staan, kreeg de Fiat er al snel weer zin in. Inmiddels was ik op ‘kamers’ gegaan en als ik een weekend thuis was werd de Ritmo telkens weer een beetje verder aangepakt. Ondertussen werd de auto ook al gebruikt, de APK was nog steeds geldig.

Tegen de tijd dat een nieuwe APK noodzakelijk was had ik er wel vertrouwen in. De keurmeester echter niet en ik kreeg de opdracht om nog even verder te sleutelen. Met behulp van wat onderdelen van de sloop kreeg ik uiteindelijk toch een stickertje op de nummerplaat (wie kent het stickertje nog?). De sloperij waar ik voor onderdelen kwam was er nog eentje van het oude stempel. Een groot grasveld vol met autowrakken in verschillende staten van ontbinding en ontmanteling. Als potentiële koper ging je zelf het terrein op om op zoek te gaan naar het juiste onderdeel. Als je dat dan gevonden had was het was zaak om vooraf een prijs af te spreken voor het onderdeel. Wanneer je het onderdeel er eenmaal af had gehaald was de prijs altijd hoger. De uitbater dacht waarschijnlijk dat je toch geen zin had om terug te gaan en opnieuw aan de slag te gaan om er ander (goedkoper) onderdeel af te slopen. Natuurlijk was het ook altijd leuk om de sloopauto’s af te speuren om ‘upgrades’ voor je eigen auto te vinden.

Nadat de Ritmo weer een verse APK had bleek het een probleemloze auto die me (vooral in het weekend) overal naar toe bracht. Met een tweedehands Pioneer autoradio, een ‘booster/equalizer’ en een stel luidsprekers die de hele hoedenplank vulden was ook het geluidsniveau in het interieur prima. Ondanks dat de Ritmo prima voldeed kwam de auto opnieuw stil te staan. Deze keer omdat de eigenaar voor een aantal maanden naar het buitenland vertrok. Via een uitwisselingsprogramma kreeg ik de kans om stage te gaan lopen in Rusland. Een prachtige ervaring die ik niet graag wilde missen. Zeker omdat de Sovjet Unie op dat moment op zijn laatste benen liep en de wereld achter het IJzeren Gordijn op korte termijn drastisch zou veranderen. Tijdens de stage ging er ook een onbekende automobiele wereld voor mij open. Merken als ZAZ, UAZ, Moskvich en Volga waren mij totaal onbekend. Later zou ik dat ik ruimschoots goedmaken, maar zover is het verhaal nu nog niet. Met de vondst van een prachtige zeegroene Volga M21 werd mijn oranje Ritmo plotseling een Nederlands-Russisch ruilobject. De Ritmo kreeg een grote beurt en een flinke poetsbeurt en mocht aan zijn laatste rit met mij als eigenaar beginnen. In het najaar van 1992 reed de Ritmo probleemloos door wind, regen en sneeuw naar het Russische Pskov om daar een nieuw leven te beginnen.

De Ritmo in de Russische sneeuw

Off
<B><EM>TerugBlik</B></EM> Onze Opel Kadett 1.2S 1979

TerugBlik Onze Opel Kadett 1.2S 1979

by OldtimerNieuws

Het is januari 1990 en ik prijs me gelukkig dat ik midden in de winter niet langer op ben aangewezen op een oude Zundapp. Bij de eerste poging mag ik het felbegeerde roze papiertje, de ‘roze card’ moest nog worden uitgevonden, in ontvangst nemen. Nog mooier is dat mijn eerste auto al klaar staat. Een ‘Ferrari’ rode Opel Kadett. Een C2 voor de kenners. En met bouwjaar 1979 een van de laatste van achterwielaangedreven Kadett’s die de fabriek in Rüsselsheim heeft verlaten. De Kadett was overigens een deeltijdauto, best modern voor die tijd. Samen met mijn broer, die zijn rijbewijs al had, was ik eigenaar. Dat het een rode Kadett is geworden kwam weer door het feit dat een oudere zus was getrouwd en de auto niet meer gebruikte. Zij had een Kadett gekocht omdat mijn vader jarenlang ook Kadett reed en daar wel vertrouwen in had. Kortom een echte familieauto.

Natuurlijk moest de Kadett wel een beetje worden aangepast aan de wensen van de kersverse berijder. Niet in de laatste plaats om het imago van familieauto een beetje af te schudden. Zo werd de Yoko (inderdaad het allergoedkoopste merk autoradio ooit) het veld ruimen voor een Supertech (inderdaad het op twee na goedkoopste merk autoradio ooit). Uiteraard konden een paar grote luidsprekers niet achterblijven. De Kadett had in een vorig leven een LPG installatie gehad. Nadat deze was verwijderd stond de auto aan de achterkant wat hoger dan aan de voorkant. Dat werd nog eens versterkt door het feit dat de vorige eigenaar bredere banden had gemonteerd. Bij de eerste aflevering had de garage voorop (waarschijnlijk uit kostenoverweging) echter weer de standaardmaat gemonteerd. Met voor smalle en achter brede banden en iets ‘verhoogde’ vering zag het er best ‘sportief’ uit. My little red Kadett. En natuurlijk een sticker op de achterklep ‘2 fast 4 U’.

Achteraf gezien kan wel worden gesteld dat het een vrij probleemloze auto was. Het woord onderhoud was nog niet echt tot ons doorgedrongen en de 1.2S motor (60 pk!) werd regelmatig goed aangespoord. Roest was wel het grootste probleem, zo was de spatbordrand aan de rechterachterkant grotendeels gemaakt van plamuur, afgewerkt met een likje rode verf dat nog toevallig bij mijn vader in de schuur stond. Ook de bodem was niet helemaal fris meer. Dat leidde nog bijna tot een vroegtijdig einde. Mijn broer was bij het lassen aan de bodem vergeten de interieurbekleding te verwijderen. Ach, met een brandgat in de bekleding reed hij nog net zo goed. Het afscheid kwam in fasen. Toen mijn broer een nieuwe baan kreeg die alleen bereikbaar was met de auto was er geen sprake meer van een deeltijd auto en nam hij de Kadett over. Een half jaar later was de Kadett moegestreden en was het afscheid definitief. Ondertussen had hij wel een oude Ritmo met wat werk gekocht, maar besloot om een Volvo 343 DL verder te gaan. De Ritmo werd mijn eerste eigen auto. Daarover later meer.

Off
OldtimerNieuws 5 jaar

OldtimerNieuws 5 jaar

by OldtimerNieuws

‘Belastingvrijstelling oldtimers verandert in 2012’, dat was de kop boven het eerste bericht op OldtimerNieuws dat op 4 januari 2009 werd gepubliceerd. Dit nieuws kwam naar aanleiding van de voorgenomen kilometerheffing naar buiten. De kilometerheffing kwam er niet, maar vijf jaar later is de belastingvrijstelling nog steeds ‘hot topic’. Toch was het niet alleen vervelend nieuws dat OldtimerNieuws mocht brengen, denk maar aan de vele Oldtimer Evenementen die de afgelopen vijf jaar op OldtimerNieuws werden aangekondigd. Ook aan de vele Oldtimer Story’s is bij OldtimerNieuws met veel plezier gewerkt.

Dat de frequentie en omvang van de publicaties wat fluctueert heeft alles te maken met het feit dat de redactie van OldtimerNieuws al vijf jaar lang door slechts een persoon, in de avonduren, wordt bemand. Naast gezin, werk en OldtimerNieuws staan er bovendien ook nog drie oldtimers in de schuur die regelmatig wat aandacht vragen. Op OldtimerNieuws komen alle oldtimers aan bod, van Frans tot Amerikaans en van Duits tot Engels. Maar wat staat er bij OldtimerNieuws in de schuur? De collectie bestaat op dit moment uit drie Russische oldtimers, een Volga M21 (1962), een Scaldia 1400 (Moskvich 408 – 1969) en een Lada 1200E (1980). De dagelijkse auto’s zijn al sinds jaar en dag van het merk Citroën. In totaal zijn er ruim 60 auto’s langsgekomen geweest. De een bleef wat langer hangen dan de ander. Niet alleen Russen en Citroëns, maar bijvoorbeeld ook merken als (in willekeurige volgorde) Volkswagen, Saab, Ford, Opel, Fiat, Renault, Peugeot, Rover, Wartburg, Austin en Mini. Wat Citroën betreft hebben de DS, GSA, BX, CX, ZX, Xantia, XM, Xsara en C5 als vervoer gediend.

De komende tijd kom ik op OldtimerNieuws nog graag terug op de auto’s die op onze oprit hebben verbleven. Ook een verklaring waarom er Russische oldtimers in de schuur staan zal ik proberen te geven. Met OldtimerNieuws is getracht om een mix tussen een webblog en een website voor oldtimerliefhebbers te realiseren. Of dat gelukt is laat ik graag over aan de bezoekers op OldtimerNieuws. Voor mij is het feit dat de site na vijf jaar nog steeds goed wordt bezocht in ieder geval een reden om ook na dit eerste lustrum nog even door te gaan.

Vriendelijk groet,

Jelle Jan Gerrits
OldtimerNieuws

Off
<em>Oldtimer Column</em> Wanneer mogen melkkoeien met pensioen?

Oldtimer Column Wanneer mogen melkkoeien met pensioen?

by OldtimerNieuws

Hier bij OldtimerNieuws, maar eigenlijk in alle Nederlandse media is er veel over gesproken: de belastingvrijstelling van oldtimers. De meningen over wat de politiek nu eigenlijk moet beslissen lopen sterk uiteen. Het is een beetje hetzelfde als met bijvoorbeeld hondenbelasting. Heb je zelf geen hond dan kan het je niet schelen dat hondenbezitters belasting moeten betalen. Of je hebt zo’n last van de hondenpoep in je buurt dat je de hondenbelasting niet hoog genoeg kan zijn. Dat zal ze leren. Maar je zult niet snel de raadsvergaderingen in je gemeente gaan bezoeken en een lobby op starten om de hondenbelasting af te schaffen.

Er rijden in Nederland 8,1 miljoen personenauto’s rond. Al die auto’s levert de Nederlandse schatkist een flink bedrag op aan motorrijtuigenbelasting (MRB), provinciale opcenten, accijnzen, BTW, BPM en bijvoorbeeld loonbelasting. Kortom de auto is een leuke melkkoe. Nu is het algemeen bekend dat wij Nederlanders, maar wij zijn daar echt geen uitzondering in, graag zo weinig mogelijk geld uitgeven. Als we ergens voor betalen dan hebben we er ook recht op. Als er we er niet voor betalen, dan hebben we er ook geen recht op.

En dan staat er opeens bij de buurman een grote, net 25 jaar oude, auto voor de deur. Het is geen topper, maar ziet er nog best netjes uit. Hij was niet duur, want bij onze oosterburen wilden ze hem wel graag kwijt. Hij paste niet zo goed meer binnen alle milieuzones en de wegenbelasting van deze oude diesel was voor Duitse begrippen torenhoog. Import naar Nederland was dankzij de Europese Unie simpel. De youngtimer (in Duitsland is een auto pas vanaf 30 jaar een oldtimer) is hier van harte welkom. In plaats van een hoge MRB last in Duitsland is de youngtimer in Nederland vrijgesteld van MRB. De Duitse bouwkwaliteit en de goede verkrijgbaarheid van onderdelen via clubs en specialisten maken het een ideale auto die geschikt is voor dagelijkse gebruik. Tot zover gaat het eigenlijk nog best goed. Het verhaal neemt een andere wending als je net naar de brievenbus bent geweest en de MRB aanslag voor je eigen vijf jaar oude diesel, met roetfilter, weer hebt binnengekregen. Plotseling bekruipt je het gevoel dat je wordt leeggemolken door de overheid en je buurman heeft een manier gevonden om de melkmachine uit te zetten.

We gaan even terug naar 1993. Na maanden sleutelen en papierwerk heb ik dan eindelijk het felbegeerde Nederlandse kenteken bij mijn eerste oldtimer. Hij is ouder dan 30 jaar dus krijg ik van de belastingdienst de mogelijkheid om te kiezen voor een 60-dagenkaart of de volle mep. Aangezien de oldtimer toch alleen maar bij mooi weer op pad gaat lijkt me de 60-dagenkaart een verstandige keuze. Nu hoef ik tenminste niet 365 dagen te betalen voor een auto die nauwelijks de buitenlucht zal zien. Het invullen van de kaart moet je natuurlijk niet vergeten, wat mij natuurlijk wel een paar keer gebeurde. En met mij vele anderen. Daarnaast moest er natuurlijk worden gecontroleerd en alle ingestuurde kaarten worden verwerkt. Daar waren ze bij de belastingdienst lekker druk mee zonder dat het in guldens veel opleverde. Een heel gedoe voor zowel burger als overheid. Onder aanvoering van de FEHAC kwam er daarom een nieuwe oplossing. Een volledige vrijstelling voor alle oldtimers ouder dan 25 jaar.

Geef ze een vinger en ze nemen een hele hand. En dat gebeurde natuurlijk ook. De regeling was ontworpen als vervanger van de 60-dagenkaart om het de oldtimerliefhebber makkelijker te maken en de overheid kosten te besparen. In 1994 had een 25 jaar oude auto het bouwjaar 1971. Maar in 2010 was dat 1985. En in de tussenliggende jaren had de auto-industrie een behoorlijke sprong gemaakt. Roestpreventie en betrouwbaarheid waren in 1985 al normale eigenschappen geworden van bijna elke auto. Ook was de dieselmotor definitief aan zijn opmars begonnen. Alleen de katalysator en roetfilter zouden nog even wachten met hun opmars. Dat maakt voor de dagelijkse bruikbaarheid echter niet veel uit, alleen voor het milieu. Toen de auto-import en het straatbeeld opvallende trends begonnen te vertonen was het natuurlijk wachten op een reactie. En die kwam er, eerst werd onder het mom van het rekeningrijden de vrijstelling voor oldtimers helemaal afgeschaft. Toen rekeningrijden het niet haalde kwam er een reparatie, maar die ging gepaard met het invoeren van de brandstoftoeslagen en het opschuiven van de leeftijdsgrens naar 30 jaar, daarmee was de trend glashelder.

De oldtimerregeling moest weer terug naar de liefhebber. En ja, als de liefhebber dagelijks in zijn oldtimer rijdt dan was hij ‘een beetje dom’ maar zal hij wel tot inkeer komen. Dat zal hij zeker. Want nu wordt er zo hard gehakt dat de spaanders alle kanten opvliegen. Laatst sprak ik een eigenaar van oude VW Golf. Een van de eerste diesels en daarmee al een hele bijzondere oldtimer. De Golf heeft bij de man een goed bestaan, hij komt alleen de garage uit bij mooi weer. Dit is zo’n spaander. Want is niet alleen onze pensioenleeftijd wordt opgeschoven. Nee, een auto mag vanaf 2014 pas met pensioen als hij veertig is. Als hij dat tenminste haalt in Nederland. Want misschien is hij dan al wel helemaal uitgemolken.

Off